Shoutbox

De shoutbox wordt geladen...

Terra Hoofdstuk 3

Uitwerkingen Aardrijkskunde


Niveau: 1 VWO

Taal:

Opmerking:


Bekeken: 11007 keer


Beoordeling


Dit huiswerk delen & naar vrienden sturen




Nieuwe Nederlanders 3

Intro

1 Eigen antwoord, bijvoorbeeld:

Nederland is een rijk land.

In Nederland zijn goede banen. Je kunt in Nederland naar school.

2 Eigen antwoord, bijvoorbeeld: Nederlanders houden van voetbal. Bij een voetbalwedstrijd

zijn alle supporters oranje gekleed. Het symbool van Nederland is de leeuw. De Nederlandse vlag heeft de kleuren rood, wit en blauw.

3 Onderwerpen:

Tekening 1: paragraaf 3.4, daar wonen veel nieuwkomers

Tekening 2: paragraaf 3.2, multiculturele samenleving

Tekening 3: paragraaf 3.3, daarom verhuizen mensen

Tekening 4: paragraaf 3.4, samenleven is soms moeilijk

4 Eigen antwoord.

Terra Topo

5 Wanneer je een land of provincie moet opzoeken, gebruik je het (namen )regi ster.

6 1 Nederland



2 België

3 Duitsland

4 Verenigd Koninkrijk

5 Turkije

6 Marokko

7 Somalië

8 Irak

9 Afghanistan

10 Suriname

11 Nederlandse Antillen

12 Indonesië



7 Zie het kaartje op deze bladzijde.

8 Om de atlaskaart Europese Unie te vinden gebruik je het zaakregister.



9 1 Duitsland

2 België

3 Verenigd Koninkrijk

10a/b Zie het kaartje op deze bladzijde.

3.1 Waarom gedragen mensen zich verschillend?

lla Op de foto zie je het ritueel wassen voor het gebed in de moskee.

b Mohammed heeft van zijn vader geleerd dat hij zich volgens een vaste volgorde moet wassen voor het gebed in de moskee.

A Wat zijn kenmerken van cultuur?

12 Eigen antwoord, bijvoorbeeld: ouders, familie, vrienden, leraren, school, televisie (media), kerk/moskee.

13 Voorbeeld Symbool, belangrijk

figuur, ritueel of waarde

· Het zingen van het volkslied ritueel

voor een voetbalwedstrijd.

· Je mag niet met meer dan waarde

één man of vrouw trouwen.

· De kleur oranje van het shirt symbool

van Nederlandse sporters.

· Je moet eerlijk zijn. waarde

· Nelson Mandela, of Madonna. belangrijk figuur

14 ooievaar - symbool

ooievaar buiten zetten - ritueel beschuit met muisjes geven - ritueel roze babykleertjes - symbool een geboortekaartje sturen - ritueel een baby dopen - ritueel

B Welke verschillen zijn er in denken en doen?

15 1 Hoe ga je om met verschillen in macht?

2 Wat is belangrijker, de groep of het individu ('ik')?

3 Hoe ga je met onzekerheid om?

16 Voorbeeld:

Drugsgebruik is streng verboden - onzekerheid Je mag je ouders en leraren bij de voornaam aanspreken - verschil in macht



Je bent lid van een kerk, omdat dat zo hoort -groep of individu

17 De juiste zinnen zijn:

In Zweden is de groep minder belangrijk dan in Turkije.

In Frankrijk zijn verschillen in macht groter dan in Nederland.

18a Zie het bovenste schema op bladzijde 23.

b De kaart De aarde - Inkomens staat op kaart-

blad 194 C (GB52) en op 172 C (GB51).

c/d Zie het bovenste schema op bladzijde 23.

e Als het inkomen in een land hoog is, dan is vaak het individu ('ik') belangrijker.

Mensen voelen zich het meest gelukkig in landen waar het individu ('ik') belangrijker is.

Afsluiten

19 Cultuur is alles wat is aangeleerd, zoals taal, godsdienst, gewoonten en gebruiken van een groep mensen. Kenmerken van cultuur zie je aan symbolen, belangrijke figuren, rituelen en waarden. De waarden bepalen het denken en doen.

3.2 Nederland: kleurrijk of kleurloos?

22a Aynur is islamitisch en moet daarom van haar

ouders een hoofddoek dragen.

b Aynur heeft de Nederlandse nationaliteit.

A Wat is een multiculturele samenleving?

23a Idrissa komt uit Indonesië in Den Haag wonen: immigratie

Carlo gaat op vakantie naar Spanje: geen emigratie of immigratie

Niek verhuist van Zeeland naar Australië: emigratie

b Een multiculturele samenleving is een land waar mensen met verschillende culturen samenleven.

24a Tussen 1990 en 1999 stijgt het aantal inwoners van Nederland door emigratie en immigratie met 524000 mensen. Dat is gemiddeld per jaar 52 400 mensen.

b Zie de afbeelding op deze bladzijde over emigratie en immigratie.

c Eigen antwoord. Let op: emigratie 605 000 = 100%, immigratie 1 129 000 = 100%.

d De belangrijkste groep: Europese Unie.



B deel je de Nederlandse bevolking in?

25a De Nederlandse bevolking kan worden ingedeeld in autochtonen en allochtonen.

b Leerling autochtoon of allochtoon

· Stephan tweedegeneratie-allochtoon

· Sander autochtoon

· Helen eerstegeneratie-allochtoon

· Saïd eerstegeneratie-allochtoon

· Güznan tweedegeneratie-allochtoon

· Patrick tweedegeneratie-allochtoon

26a Robert is geboren in Middelburg en Oulida in Almelo.

b Zij zijn beide Nederlander.

27a Het totaal aantal inwoners is 15 771005 mensen. Van elke honderd inwoners zijn er 18 allochtoon.

b De kaart De Aarde - Cultuurgebieden staat op blad 190 A (GB52) en op 168 A (GB51).

C Herkomstland allochtonen Cultuurgebied

België Europa

Duitsland Europa

Indonesië Zuidoost-Azië

Marokko de islamitische wereld

Nederlandse Antillen Latijns Amerika

Suriname Latijns Amerika

Turkije de islamitische wereld

Verenigd Koninkrijk Europa

C Hoe verandert de Nederlandse bevolking?

28 1 Door de komst van eerstegeneratie-allochtonen (immigranten)

2 Door de geboorte van kinderen (tweedegeneratie-allochtonen)



29a/b Zie het lijndiagram op deze bladzijde,

c Conclusie: in 2050 is de bevolking van Nederland wel kleurrijker dan in het jaar 2001.

30a Vergrijzing wil zeggen dat het aantal oudere mensen naar verhouding toeneemt.

b De vergrijzing neemt toe.





c De werkende bevolking moet meer geld verdienen voor steeds meer niet-werkende mensen.

31a In het bovenste hokje moet vergrijzing staan, en in het onderste hokje ontgroening.

c De balkjes links van de nullijn moeten blauw gekleurd worden, en de balkjes rechts van de nullijn roze.

d Conclusie: vergeleken met de totale bevolking zijn er naar verhouding meer jongere allochtonen en minder oudere allochtonen. Door de toename van het aantal allochtonen remt de ontgroening en vergrijzing af.

Afsluiten

32 De goede antwoorden zijn:

· immigrant

· buitenlander

· eerstegeneratie-allochtonen

· toeneemt

· jonger



33 Eigen antwoord.

34 Eigen antwoord.



3.3 Waarom verhuizen mensen uit hun land?

35a werk of gezin

b Miloud verhuist vanwege het werk. Miloud doet alles om voor zijn gezin te zorgen,

c Eigen antwoord, bijvoorbeeld: hij liet zijn gezin achter. Hij ging ander werk doen in een

vreemd land.

A Waarom emigreren mensen?

36 Mensen die emigreren houden rekening met:

· aantrekkingsfactoren

· afstotingsfactoren

· praktische zaken









37 Aantrekkingsfactoren (groen):

· In Polen is nog ruimte genoeg.

· De landbouwbedrijven zijn voor een redelijke prijs te koop.

Afstotingsfactoren (rood):

· In Nederland hebben de boeren te weinig mogelijkheden om hun bedrijf uit te breiden.

· Ook zijn de regels in Nederland heel erg streng.

Praktische zaken (geel):

• De boeren worden door bemiddelingsbedrijven geholpen met het vinden van een bedrijf en het regelen van vergunningen.

38a Oorlog hoort er niet bij, want dit is de enige afstotingsfactor.

b Werkloosheid hoort er niet bij, want dit is de enige afstotingsfactor.

B Waarom komen mensen naar Nederland?

39a/b 1 Inwoners uit vroegere koloniën:

Indonesië 15%, Nederlandse Antillen 4%, Suriname 11%

2 Middellandse-Zeegebied: Marokko 9%, Turkije 11%

3 Andere EU-landen: België 4%, Duitsland 14%, Verenigd Koninkrijk 2%

4 Asielzoekers en vluchtelingen:

Afghanistan 1%, Irak 1%, Somalië 1%

40 De meeste allochtonen komen uit de vroegere koloniën.

41a 1 In Duitsland is het aantal asielzoekers bijvoorbeeld hoger.

2 Er komen veel meer immigranten om andere redenen naar Nederland.

b Eén of meer verschijnselen in gebieden met elkaar vergelijken.

42a/b Verhaal l(Wahid): asielzoekers en vluchtelingen, veiligheid

Verhaal 2 (Fatima): Middellandse-Zeegebied, familie en bekenden/werk Verhaal 3 (Karl): Andere EU-landen, dichtbij Verhaal 4 (Surinaamse): Inwoners uit vroegere koloniën, werk

c Fatima moet groen gekleurd worden.

43 Blijven, want Aïdine vlucht vanwege onderdrukking en geweld.

Weggaan, want Hafid is een economische vluchteling.





C Wat zijn gevolgen van migratie voor landen?

44a 1 economische gevolgen

2 culturele gevolgen

3 politieke gevolgen

b De krantenkoppen passen bij economische gevolgen.

45 Voorbeeld uit bron 15 Soort gevolg

· minder werkloosheid economisch gevolg

· vrouwen nemen taken cultureel gevolg

van de man over

· nieuwkomers voelen zich ongelijk politiek gevolg

behandeld en achtergesteld

· ze sturen geld op naar economisch gevolg

familieleden

· migranten willen tegen economisch gevolg

lagere lonen werken

Afsluiten

46 De juiste zinnen zijn:

· Nederland geeft mensen veiligheid en een zeker bestaan.

· De grootste groep allochtonen in Nederland komt uit de vroegere koloniën.

47 Directeur ziekenhuis: aantrekkingsfactor: werk, afstotingsfactor: in Zuid-Afrika is geen werk.

Immigratiedienst: de herkomstlandengroep waartoe ze worden gerekend is: inwoners uit

vroegere koloniën.

Discussie: de economische reden vóór het plan: volgens de directie is iedereen in Zuid-Afrika blij met dit plan, vanwege de grote werkloosheid in het land. De economische reden tegen het plan: met het vertrek van de verpleegsters verliest Zuid-Afrika goed opgeleide mensen. Commentator: eigen antwoord, bijvoorbeeld: ik ben voor dit plan, want iedereen wordt er beter van.

48 Eigen antwoord.



3.4 Waar wonen nieuwe Nederlanders?

49 In Rotterdam zijn scholen waar meer dan de helft van de leerlingen allochtoon is, op andere

scholen zitten voornamelijk autochtone leerlingen. Dit betekent dat in de ene wijk meer allochtonen wonen dan in een andere wijk.



A Hoe zoek je als nieuwkomer een huis?

50 1 inkomen

2 werk in de buurt

3 regels

4 persoonlijke wensen

51 Inkomen per maand: € 2.080

Inkomen per jaar: € 2.080 x 12 = € 24.960

Maximale huurprijs in euro's: 20 x € 20,80 = €416

Werk in de plaats: Dordrecht

Regels: Hasan is doorstromer

Persoonlijke wens: drie slaapkamers

52a De schaal van de kaart is 1:500 000.

1 cm op de kaart is dus in werkelijkheid 5 km.

b Binnen een cirkel met een straal van 5 km valt alleen Dordrecht. Binnen een cirkel met

een straal van 7,5 km liggen ook Zwijndrecht en Papendrecht.

53a Kenmerken die niet passen bij de gegevens van Hasan:

· Galerijflat (H.F. Tollensstraat 20): alle kenmerken passen

· Eengezinswoning (Marcellus Schamperstraat 8): slaapkamers 2



· Eengezinswoning (Violenstraat 4): slaapkamers 2, starter

· Corridorflat (Mozartlaan 168): huur € 429,-, slaapkamers 2, inkomen vanaf € 22.172,-

· Portiekflat (Van Eestensingel 185): slaapkamers 2, starter

· Galerijflat (Halleyweg 84): leeftijd vanaf 55 jaar

b De Galerijflat (H.F. Tollenstraat 20,

Dordrecht), past het best bij de gegevens van Hasan.

B Waar wonen allochtonen vooral?

54a Volgens bron 18 is 17,9 % van de bevolking allochtoon.

b Zie het kaartje op deze bladzijde.

c In GB52 staat de kaart Asielzoekers - Nederland op bladzijde 50A. In GB51 staat

deze kaart niet weergegeven.

d Het gemiddelde aantal asielzoekers is volgens de kaart 1,02 %.

e Zie het kaartje op deze bladzijde. De provincies

die gekleurd moeten worden zijn:

· allochtonen: Flevoland, Utrecht, Noord-Holland, Zuid-Holland, Limburg

· mensen uit vroegere koloniën: Flevoland, Utrecht, Noord-Holland, Zuid-Holland



· inwoners uit Middellandse-Zeegebied: Utrecht, Noord-Holland, Zuid-Holland

· inwoners uit Duitsland: Overijssel, Gelderland, Noord-Brabant, Limburg

· asielzoekers: Noord-Holland, Zuid-Holland, Noord-Brabant, Limburg

f Conclusie: De meeste allochtonen wonen in de provincies in landsdeel West. Het grote aandeel allochtonen in Limburg komt door mensen uit Duitsland.





55 Eigen antwoord.

56 Mensen uit vroegere koloniën: dichtbij familie en landgenoten.

Mensen uit het Middellandse-Zeegebied: veel kans op werk.

Mensen uit andere EU-landen: betaalbare woningen; dichtbij geboorteland en verspreid door Nederland.

Asielzoekers en erkende vluchtelingen: spreiding door regering.

57 De volgende mensen horen tot de niet-westerse

allochtonen:

· Surinamers

· Antillianen

· Turken

· Marokkanen

· asielzoekers uit Afrika, Azië en Latijns

Amerika

58a Eigen antwoord.

b In de provincies Friesland, Drenthe en Zeeland.

c In deze gemeentes liggen industrieën waar in de jaren zestig arbeidsmigranten laaggeschoold werk deden.

59 Deze bewering is fout. Het maximale aandeel niet-westerse allochtonen in de grote steden

ligt tussen de 20 en 32%.

Afsluiten

60 De volgende twee zinnen vatten de paragraaf samen:

· Nieuwkomers wonen vooral in het westen van Nederland.

· Nieuwkomers wonen ongelijk verdeeld. Dit komt door werk, betaalbare huizen en fami

lie en landgenoten. Mensen uit andere EU-landen, asielzoekers en vluchtelingen zijn

meer gelijk verdeeld.



61 Eigen antwoord.

62 Eigen antwoord.



@WORK

77a Mensen met een niet-blanke huidskleur.

b Allochtonen. De moeder, Maxima, is geboren in Argentinië,

c Denk maar eens aan de kinderen van Willem-Alexander en Maxima. Zou jij deze kinderen

buitenlanders noemen?

d Taal (woorden), eten en godsdienst

78a Nederlanders en mensen uit het nieuwe Indonesië die het niet eens waren met het feit dat dit land onafhankelijk werd.

b Zij vonden dat er betere kansen waren in Nederland. Zij zagen het nieuwe Suriname als een ontwikkelingsland. Suriname werd trouwens onafhankelijk in 1975.

c Landen rond de Middellandse Zee. Vooral uit Marokko en Turkije.

d Landen uit Oost-Europa vooral uit Polen.

e Somalië: oorlog en honger Bosnië: oorlog Irak: dictatuur Afghanistan: dictatuur en oorlog Kosovo: oorlog

79a asielzoekers.

Zij hebben geen keuze. Zij worden geplaatst in asielzoekerscentra. Deze centra zijn verspreid over het hele land.

b Surinamers, Turken, Marokkanen.

Daar wonen al veel landgenoten. Daar zijn inmiddels ook voorzieningen voor hen (kerk, winkels, buurthuizen). Bovendien is daar meer werk te vinden.

c Op de ene plek heel veel, en op de andere juist heel weinig. Je kunt als het ware een scheidslijn zien.

d Groot verschil in kwaliteit van de huizen en de voorzieningen.

e Nee.

Mensen gaan niet met elkaar om. Men leeft in zijn eigen wereldje. Doordat ze weinig contacten hebben, leren de nieuwe Nederlanders de taal slecht spreken.

Test jezelf

1 Antwoord B: in Turkije gaan mensen anders om met verschil in macht.

2a Rood: rode shirts

b Groen: Guus Hiddink

c Blauw: volkslied

3 Er zijn meer mannen dan vrouwen in die leeftijd, omdat de Turken arbeidsmigranten zijn.

In vele gevallen komen dan eerst de mannen om te werken. Later komen de vrouwen en

kinderen. Dat noem je gezinshereniging.

4 De komst van Turkse migranten is gunstig. Dat komt omdat ze komen om te werken. Ze

betalen dan ook belastingen en verzekeringen.

5 De juiste zin is:

• Gezinshereniging, gezinsvorming en arbeidsmigratie zijn een aantal redenen voor vestiging.



6 Aantrekkingsfactoren Afstotingsfactoren

werk toekomst onzeker

goed salaris werkloos

veilig oorlogen

7 De mensen uit Duitsland wonen vooral in de grensprovincies, in de buurt van Duitsland.

De mensen uit Turkije wonen vooral in gebieden waar veel werk is/was: in het westen en

in de industriegebieden.

8 Antwoord C: maatschappelijke en ruimtelijke scheiding hebben met elkaar te maken.

9 Owners of better-quality housing will not sell to non-whites: discriminatie

They don't speak English very well: cultuurverschil

There jobs are poorly paid: maatschappelijke scheiding

For non-whites it's more difficult to get a job: discriminatie

Afsluiten

10 Eigen antwoord.





8