Shoutbox

De shoutbox wordt geladen...

samenvatting

Samenvatting Levenbeschouwing


Niveau: 3 HAVO

Taal:

Opmerking:


Bekeken: 5126 keer


Beoordeling


Dit huiswerk delen & naar vrienden sturen




Levensbeschouwing:
Hoofdstuk 4.

· Geschiedenis van het humanisme: oorsprong van het humanisme is terug te vinden in de renaissance (: wedergeboorte) vanaf 1450-1700.
Renaissance is een reactie op de ‘donkere’ middeleeuwen. In de tijd (de middeleeuwen) stond god en godsdienst centraal, dit noemt men ‘theocentrisch’ denken (Theo: god, centrisch: midden)
vanaf de renaissance is de mens zich meer en meer bewust van zijn eigen mogelijkheden; zelf denken, zelf beslissen, zelf verantwoordelijkheid zijn voor elke handelen. De mens staat centraal, dit noemt men antropocentrisch denken (antropa: mens, centrisch: midden).
· Copernicaanse omwenteling: de tijd van grote veranderingen.
· Binnen het humanistisch Verbond komen er nog 2 andere stromingen:
1. In de 19e eeuw komt een beweging van vrijdenkers op gang: zij ontkennen uitdrukkelijk het bestaan van een hogere macht en een leven na dit bestaan en noemen zich daarom atheïsten. De eigen organisatie: ‘De Vrije Gedachte’.
2. Er zijn ook humanisten de het openlaten of er hogere machten zijn of niet. Deze worden agnostische humanisten genoemd (a-gnose = niet-weten)
· Humanisme: In de praktijk blijkt het humanisme een inspiratiebron zowel voor mensen die niet geloven in het bestaan van goden als voor mensen die wel in een god of in goden geloven. Humanisme stelt de waardigheid van de mens in het wereldbeeld en de rede in de levensbeschouwing centraal.
Het woord stamt af van het Latijnse woord ‘humanus’ en betekend: ‘De mens’ of ‘menselijke’. Kerngedachten van het humanisme zijn: verbondenheid, vrijheid, redelijkheid, natuurlijkheid, gelijkwaardigheid.
· Trouwen voor de wet: geeft bepaalde rechten aan het samenleven.
· Trouwen in de kerk: je wilt dan tegenover ‘god’ laten zien dat je bij elkaar hoort.
· Binnen het Humanistisch Verbond (belangrijkste organisatie voor humanisten): zijn ongeveer 16.000 humanisten verenigd die het moderne humanisme als levensbeschouwing uitdrukkelijk naar buiten willen brengen.
· Het is moeilijker in een pluriforme maatschappij (multireligieus en multiculturele) deze waarden te waarborgen dan in een niet-pluriforme maatschappij omdat:
er dan meer van de mensen gevraagd wordt in termen van verdraagzaamheid dan wanneer iedereen min of meer hetzelfde denkt.
· Renaissance: 1450-1600. God speelt geen rol.
· Reformatie: 1500-1550. Geloof nog steeds van belang.
· Het humanistisch verbond is opgericht in 1946, met het doel mensen bewust te maken van het feit dat ze zelf verantwoordelijk zijn voor goed en kwaad, en ze zich niet moeten laten leiden door een leider of de massa. Dit humanisme, dat na de tweede wereldoorlog vorm kreeg, wordt aangeduid als ‘modern humanisme’.
· Reformatie: scheiding tussen de katholieken en de protestanten in de periode 1450-1500.
Door toedoen van Luther en Calvijn die zich verzetten tegen de macht van de kerkleiders ontstaat er een nieuwe stroming. Deze is opgericht om de basisprincipes van de bijbel uit te voeren, geloven in 1 god, en de diensten in de landstaal (te) houden.
Bij de reformatie wil met dat de mens zijn eigen lot in handen neemt, zelf verantwoordelijk, minder wordt bepaald door kerkleiders, neer vanuit zichzelf, zelf oordelen, zelf handelen.
· Pluriforme samenleving: een samenleving die bestaat uit verschillende groepen mensen; denk hierbij aan godsdienst, cultuur, geaardheid (vb. Homo’s) maar ook gehandicapten e.d.
· Verzuiling en ontkerkelijking: de verandering van 2 aparte godsdiensten groepen (katholieken, protestanten) die niets met elkaar te maken willen hebben tot het gaan samenwerken van die groepen en de minder aandacht hebben voor geloofsregels.
· Mensenrechten organisaties: een organisatie die zich inzet voor het behoudt en naleven van de rechten van de mens.
· Humanistische uitgangspunten:
1. De mens staat centraal als zelfstandig en sociaal wezen. Dit houdt in dat de mens zonder beroep te doen op een hogere macht of een vooruitzicht op een voortleven na dit bestaan het eigen leven tot een zinvol geheel kan maken.
2. Mensen leven in verbondenheid met de medemens. Omdat je leeft met anderen behoor je ook een bijdrage te leveren aan de verbetering van de kwaliteit van het bestaan van je medemensen.
3. Mensen moeten bereid zijn zich te verantwoorden voor hen denken en doen, zowel met betrekking tot hun medemens als met betrekking tot de natuur. Je moet datgene waarvan jij denkt dat goed is om te doen, toetsen en dus delen met de ander. Je baseert je daarbij op verstand maar ook op gevoel.
4. De mens is immers in staat op te groeien tot een redelijk denkend wezen. Je moet onderscheid kunnen maken tussen wat goed is om te doen en wat niet goed.
· HOM: Het Humanistisch Overleg Mensenrechten is een onafhankelijke mensenrechtenorganisatie die opkomt voor de naleving en versterking van zowel burger - en politieke als economische, sociale en culturele mensenrechten