Shoutbox

De shoutbox wordt geladen...

Kruistocht in spijkerbroek

Opstel Nederlands


Niveau: 1 VWO

Taal:

Opmerking: ik had er een 9 voor dus je hoef er nie aan te twijfele!


Bekeken: 6095 keer


Beoordeling


Dit huiswerk delen & naar vrienden sturen




Leesverslag naam: Jasper Snellen (B1b)



Titel van het boek: Kruistocht in spijkerbroek

Naam van de schrijfster: Thea Beckman



INHOUD

Tot welk genre behoort het boek?

Het is een historisch boek.



Vertel in maximaal 75 woorden waar het boek over gaat.









Rudolf Wega is met de materietransmitter, een tijdmachine van dr. Simiak en dr. Kneveltoer, van de twintigste eeuw naar het jaar 1212 geflitst. Het was de bedoeling om, als proefkonijn, naar Montgivray te worden verplaatst. Maar er gaat iets mis en Rudolf komt in Duitse stadje Spiers terecht. Daar leert hij een student kennen: Leonardo da Pisa. Samen besluiten ze om mee te trekken met een Kinderkruistocht. In de Kinderkruistocht lopen 8000 kinderen mee en deze kinderen willen de Saracenen uit Jeruzalem verdrijven. Onderweg hebben ze veel tegenslag. Er sterven veel kinderen aan de Scharlaken Dood (roodvonk). Van de burchtheren mogen de kinderen pas over hun land trekken als ze een aantal kinderen mogen houden om ze als slaaf te laten werken. De kinderen willen dit niet en daarom roven de burchtheren 52 kinderen. Daarna worden ze door een slimme list van Rudolf weer bevrijd. Als ze door de Alpen trekken, sterven er veel kinderen omdat het heel erg koud is en omdat er niets groeit. Als de kinderen eindelijk in Genua aankomen, staat ze een grote teleurstelling te wachten. Twee monniken hadden Nicolaas, de leider van de kruistocht, verteld dat de zee zou wijken. Maar de zee wijkt niet. Eén van de monniken vertelt de kinderen dat ze naar Genua zijn gebracht om te worden verscheept naar het oosten en te worden verkocht als slaven. Toen de kinderen dat hoorden, vermoordden ze de ene monnik maar lieten de andere monnik in leven omdat hij de kinderen de waarheid had verteld. Daarna trokken Rudolf en Leonardo met een groep van ongeveer 3000 kinderen verder Italië in. De overige kinderen die de kruistocht hadden overleefd, bleven achter in steden en dorpen, waar ze werk vonden. Als Rudolf in Brindisi aankomt vind hij een aluminium doosje met een bericht van professor Simiak erin. Hij stuurt het doosje terug met het bericht dat hij wil worden teruggeflitst naar zijn eigen tijd. De volgende dag, op Sint-Mattheus dag, wordt Rudolf Wega teruggeflitst naar zijn eigen tijd.



Beschrijf het uiterlijk en het karakter van de hoofdpersoon.

Rudolf is een gewone jongen van 15 jaar die altijd een spijkerbroek draagt. Hij heeft blond, kroezig haar en blauwe ogen. Hij drijft bijna altijd zijn zin door en hij kan goed de leiding over een groep nemen. Hij is vaak met z’n ouders op vakantie geweest in verschillende landen van Europa, daarom weet hij goed waar plaatsen en steden liggen. Het is een intelligente, sociale jongen en hij is keurig opgevoed.

Met welke problemen krijgt de hoofdpersoon te maken?

Rudolf komt in een Kinderkruistocht terecht in het jaar 1212 en komt weer heel moeilijk terug in zijn eigen eeuw. Pas na 6 maanden lukt het hem om te worden teruggeflitst naar zijn eigen eeuw. Tijdens de Kinderkruistocht komt Rudolf ook veel problemen tegen. Hij krijgt te maken met de Scharlaken Dood, de burchtheren die kinderen roven, de koude Alpen en de onbetrouwbare monniken. Alleen van de kinderen krijgt Rudolf hulp bij het oplossen van de problemen.



Waar speelt het verhaal zich af?

Het verhaal speelt zich af in verschillende landen van Europa. Rudolf wordt vanuit Amstelveen (Nederland) weggeflitst naar Spiers (Duitsland). Ze trekken door het Zwarte Woud en Beieren naar Straatsburg. Ze zetten het tentenkamp op aan de oever van de Neckar in Rottweil. Via Basel (Zwitserland) trekken ze langs het meer van Konstanz door naar Innsbruck (Oostenrijk) en via de Brennerpas komen ze in Bolzano (Italië). De laatste zware tocht gaat door Lombardije (Noord-Italie), waarna ze Genua aan de Middellandse Zee bereiken.



In welke tijd speelt het verhaal zich af?

Het verhaal speelt zich in het begin van het boek af in Amstelveen in de 20ste eeuw, waar de materietransmitter Rudolf wegflitst naar de Middeleeuwen. Rudolf bevindt zich in het jaar 1212. Iedereen vindt dat Rudolf hele rare kleren aanheeft, namelijk een moderne spijkerbroek, en dat Rudolf met een heel raar accent spreekt. Hij kan al schrijven en dat is in die tijd ook heel bijzonder.



Wil de schrijfster je in dit boek iets duidelijk maken of je ergens over laten nadenken?

Rudolf, een eenvoudige jongen, ontwikkelt zich tot de held, die de kinderkruistocht met succes door de Alpen leidt. Toch heeft Rudolf ook zijn zwakke kanten. Hij is immers maar een gewone jongen. Thea Beckman wil duidelijk maken dat iedereen wel ergens goed in is en een held kan zijn maar dat iedereen ook minder goede eigenschappen heeft. Ook wil de schrijfster vertellen dat je door samen te werken veel problemen kunt oplossen. Rudolf, Leonardo en de kinderen kunnen samen veel problemen aan.



Maak in enkele zinnen duidelijk wat je van het boek vond. Geef drie beoordelingswoorden en argumenten.

Ik vind het over het algemeen een goed boek. Vooral het eerste en het laatste stuk zijn leuk en spannend maar het middenstuk vind ik langdradig. Ik vind dat er over sommige onderwerpen erg lang wordt verteld en dan wordt het een beetje saai (b.v. het stuk over de groei van plantensoorten). Maar op het eind wordt het boek weer spannend en er gebeurt ook veel. Soms kwam ik ook woorden tegen die ik aan papa en mama moest vragen zoals lijfeigene en sparappels. Er is over het boek ook een film gemaakt maar ik vind dat er tussen de film en het boek heel veel verschil zit. Het meisje Jenne in de film komt in het boek niet voor. In het boek is Rudolf geen voetballer maar in de film speelt hij in het Nederlands elftal. In de film heeft Rudolf een iPod (een troubadour in een doosje) maar die heeft hij in het boek niet.